Weer en seizoenen
Alledaagse Engelse woorden · Engels · Woorddictee · Les 3
- sunny adj.: zonnig
- cloudy adj.: bewolkt
- rainy adj.: regenachtig
- windy adj.: winderig
- snow n., v.: sneeuw
- storm n., v.: storm
- spring n., v.: lente; veer
- summer n., v.: zomer
- autumn n.: herfst
- winter n., v.: winter